![]() | ![]() | ![]() |
Stel zelf een vraag | |||
| Datum | 26/07/2007 | |
| Leeftijd | 53 jaar | |
| Vraag | Eind november 2006 heb ik een borstsparende operatie gehad van een invasief ductaal carcinoom ( 1,5 cm) met wegname van 12 klieren (negatief), gevolgd door 25 uitwendige bestralingen en begin maart brachytherapie met Iridium gedurende 24 uur. Nu neem ik Nolvadex. In mijn borst is een hard stuk littekenweefsel te voelen in de buurt van de operatierand. Maar ook links en rechts zijn nu hardere delen te voelen. Volgens de dokter is dat het gevolg van de brachytherapie. Die borst is ook warmer dan de andere, soms zelfs gloeiend. Zijn dat nog nawerkingen van de bestralingen, 6 maanden geleden, of van de brachytherapie? Hoe kan men het verschil voelen tussen littekenverhardingen en nieuwe knobbeltjes? Is dat te zien op echo- of mammografie? |
| Antwoord van | Dr. Alain Bols, medisch oncoloog, A.Z. Sint Jan, Brugge. | |
| Antwoord datum | 18/08/2007 | |
| Antwoord | De roodheid en gloeiingen kunnen kaderen in een radiomastitis (borstontsteking ten gevolge van radiotherapie); het tijdstip klopt: 6 - 12 (18) maanden na het beëindigen van de radiotherapie. Uiteraard is een degelijk klinisch onderzoek een eerste vereiste. Fibrose door brachytherapie is mogelijk (zoals dat even goed mogelijk is bij externe radiotherapie). Het verschil met een eventuele terugkeer van borstkanker is evenwel niet gemakkelijk : echo en mammografie en eventueel MRI, zo nodig biopsie bij twijfel kunnen aangewezen zijn. Uiteraard dient dit uitgemaakt te worden door de behandelende arts die de situatie ook klinisch kan beoordelen. |
![]() | ![]() |
Deze informatie heeft niet als doel medisch advies te verlenen.
Alle medische beslissingen moeten worden genomen in overleg met uw arts.>