![]() | ![]() | ![]() |
Stel zelf een vraag | |||
| Datum | 3/08/2006 | |
| Leeftijd | 31 jaar | |
| Vraag | Ik heb ongeveer 18 maanden geleden de diagnose van borstkanker gekregen, dit tijdens mijn zwangerschap van mijn jongste zoontje. Het ging over een niet-hormoongevoelige tumor van 2.8cm doorsnede, graad III. De poortwachtersklier bleek vrij na onderzoek. Ook perifeer werden geen uitzaaiinge gevonden op het moment van diagnose. Ik onderging een borstbesparende operatie, 6x Fec en radiotherapie. Emotioneel heb ik alles tot nu toe vrij goed doorgemaakt (uitgezonderd een paar moeilijke momenten natuurlijk). Ik krijg nu 3-maandelijks een follow-up onderzoek. Tussen chemo en radiotherapie kreeg ik opnieuw rx van longen, echo van lever en een skeletscan. Toen bleek er een vlek te zitten op de lever, na verder technisch onderzoek bleek het om een goedaardig 'piladenoom' te gaan ( ik nam van mijn 16 tot 27 jr de pil). Sinds het einde van mijn behandeling bestaat de follow-up uit volgende onderzoeken: halfjaarlijks bloedonderzoek (tumormarker vertoonde geen abnormaliteiten op moment van tumor), manueel onderzoek, jaarlijks mammo en halfjaarlijks echo. Er werd mij verteld dat onderzoek naar uitzaaiingen niet meer werd gedaan tot er zich eventueel (hopelijk niet dus) symptomen voordeden (dit i.v.m. het schaden van levenskwaliteit (de stress die er mee gepaard gaat) en de mogelijke schadelijke gevolgen van straling). Toch sprak ik laatst een lotgenote die ongeveer een half jaar na mij de diagnose kreeg en door exact dezelfde artsen gevolgd wordt. Zij krijgt binnenkort, 1 jaar na het stoppen van chemo en radiotherapie wel opnieuw de onderzoeken naar uitzaaiingen? Het verschil is wel dat haar tumor hormoongevoelig was (ze krijgt nog hormoontherapie) en dat ze een okselkliertoilet onderging na een tumor met minder agressiviteit. Deze patiënte is ook ouder dan ik. Wat moet ik hier van denken? Volgt men mij dan wel aandachtig genoeg? Of is de follow-up in mijn geval normaal? Tot hier toe had ik echt het volle vertrouwen in de 2 medische teams (twee ziekenhuizen: chirurg en oncoloog) die mij en mijn lotgenote vol |
| Antwoord van | Prof. Dr. Erik Van Limbergen, kliniekhoofd Radiotherapie-Oncologie, UZ en KU, Leuven. | |
| Antwoord datum | 22/08/2006 | |
| Antwoord | Jagen op uitzaaiingen doet de diagnose met gemiddeld zes maanden versnellen bij patiënten die op dat moment de onheilsboodschap krijgen en dan ofwel moeten wachten op klachten voor palliatie ofwel behandelingen met nevenwerkingen moeten accepteren terwijl ze zelf nog geen klachten van de ziekte hebben. En dit alles zonder enige overlevingswinst ( cfr drie gerandomiseerde studies). |
| Antwoord van | Dr. Alain Bols, medisch oncoloog, A.Z. Sint Jan, Brugge. | |
| Antwoord datum | 22/08/2006 | |
| Antwoord | In ons centrum bestaat de follow-up van borstkanker uit regelmatig klinisch onderzoek (driemaandelijks de eerste drie jaar, vervolgens halfjaarlijks en na 5 jaar jaarlijks) en een jaarlijkse echo-mammografische controle. Andere onderzoeken zijn wat ons betreft facultatief en gebeuren op indicatie (op basis van klachten of afwijkingen bij het klinisch onderzoek). Het routinematig uitvoeren van deze andere onderzoeken kan uiteraard wel vroeger uitzaaiingen aan het licht brengen, maar het is nooit aangetoond dat dit de overleving van borstkankerpatiënten gunstig beïnvloedt. U wordt dus zeker goed gevolgd. Waarom Uw lotgenote intensiever gevolgd wordt weet ik uiteraard niet maar ik veronderstel dat hiervoor wel een goede reden zal bestaan. |
| Antwoord van | Dr. Nadine Cluydts, gynaecoloog-senoloog, UVC Brugmann, Brussel. | |
| Antwoord datum | 22/08/2006 | |
| Antwoord | Waarom u anders wordt gevolgd dan u, is een vraag die u best voorlegt aan uw behandelende arts. |
| Antwoord van | Prof. Dr. Rudy Van den Broecke, gynaecoloog-senoloog, U.Z., Gent. | |
| Antwoord datum | 22/08/2006 | |
| Antwoord | Volgens mij wordt naar behoren opgevolgd. Technische onderzoeken zoals botscan, echo lever en dergelijk meer moeten op indicatie worden uitgevoerd en niet zomaar lukraak om eventuele uitzaaiingen op te sporen. In de literatuur is het onomstootbaar bewezen dat het lukraak uitvoeren van dergelijke onderzoeken (check-up's) de overlevingskansen en de genezingskansen absoluut niet beïnvloeden en de gemiddelde overlevingsduur met geen dag verlengen. Bovendien moeten we meer en meer rekening houden met evidence based gegevens om onnodige onkosten in de geneeskunde te vermijden. Voor check-up's bestaat er niet de menste evidentie. |
| Antwoord van | Dr. Roger Crombez, radiotherapeut-oncoloog en coördinator Borstkliniek, A.Z. Sint Lucas, Brugge. | |
| Antwoord datum | 22/08/2006 | |
| Antwoord | Nagenoeg alle richtlijnen ondersteunen het periodiek uitvoeren van onderzoeken naar uitzaaiingen niet, vooral omdat zelfs het heel vroegtijdig behandelen van deze uitzaaiingen geen effect heeft op de overleving. Behandeling in de situatie van uitzaaiingen is in principe ziekte- en symptoomcontrolerend maar niet genezend. Daarom wordt vooral onderzocht naar mogelijk lokale terugkeer in de behandelde borst of op de toraxwand, tweede tumor in de andere borst en wordt veel aandacht gegeven aan een zo goed mogelijk fysiek-psychisch-sociaal functioneren. |
| Antwoord van | Dr. Richard Groenendijk, algemeen chirurg, IJsselland Ziekenhuis, Capelle a/d IJssel (NL). | |
| Antwoord datum | 22/08/2006 | |
| Antwoord | Mee eens, hoe wrang het soms mag lijken; de aandacht wordt gericht op geneesbare teruggekeerde ziekte, terwijl therapie daardoor achter de hand blijft om in te grijpen als palliatie nodig is. |
| Antwoord van | Toos, patiënte | |
| Antwoord datum | 25/01/2008 | |
| Antwoord | Ik vind dat u heel goed gecontroleerd wordt. Ik heb in mei een borstsparende operatie gehad niet uitgezaaid. Ik ben behandeld met chemo en bestralingen. Ik ben november op controle geweest. De arts heeft alleen maar gekeken. Op 6 mei moet ik pas een mammogram laten maken. Dat was het, is dus wel een verschil. |
![]() | ![]() |
Deze informatie heeft niet als doel medisch advies te verlenen.
Alle medische beslissingen moeten worden genomen in overleg met uw arts.>