| Vraag | 2,5 jaren geleden werd bij mij borstkanker vastgesteld: invasief ductaal carcinoom uitgezaaid in beenderen en lever, matig gedifferentieerd. Sedertdien ben ik behandeld met FEC en taxol, gevolgd door nolvadex; vervolgens CMF met arimidex. Op dit ogenblik is de tumormarker ca.15 volstrekt normaal en wijst ook niets anders in mijn bloedbeeld op verdere evolutie. Na gedurende een 3-tal maanden slechts beperkt en goed te verdragen pijn te hebben gehad in de beenderen, is de pijn weer meer uitgesproken geworden en vrijwel constant; bovendien ook op plaatsen waar ik vroeger geen pijn had. Bij MRI en foto's in september werd wel vastgesteld dat er sprake was van 'verkalking' op een nek- en ruggewervel waar de pijn eerst is bijkomend is opgetreden. Men zei mij hierover toen geen uitsluitsel te kunnen geven en dat verkalkingen ook botpijnen kunnen geven. Mijn vragen luiden dan ook als volgt:- Onder verkalking verstaat men blijkbaar extra kalkafzetting. Kan een kanker die vooral osteolytisch is overgaan naar een osteoblastische werking?
- Kan de verkalking het gevolg zijn van overgang in juli van aredia naar zometa? Zo ja, is het dan niet nodig naar grotere tussenpozen tussen de toediening (thans om de 4 weken) te gaan?
- Ik wil dringend weer full time aan het werk (bureauwerk). Ik kan evenwel een paar halve dagen per week nog niet aan omwille van de pijn en de bewegingsbeperkingen. Wanneer de beenderen aangetast zijn, blijft werken dan altijd een extra belasting en pijn geven?
|