| Antwoord | De kwaadaardigheid en de soort tumor kan reeds worden vastgesteld bij fijne naaldaspiratie en dan wordt er samen met de mammografie en de kliniek verder beslist . Een punctie cylinder heeft nog meer informatie naar type tumor en het meest informatie haalt de patholoog uit de wegname van het gehele letsel . Het type tumor is belangrijk, de uitgebreidheid, de graad van kwaadaardigheid... maar vooral ook of de tumor invasief is en in welke mate en hoeveel DCIS of ductulair carcinoma is situ (niet invasief carcinoma beperkt tot de melkgangetjes) er is. Het onderscheid tussen DCIS en invasief carcinoma kan niet op aspiratie cytologie gemaakt worden maar wel op de punctiecylinder. Hiervan kan het afhangen of de tumor borstsparend zal behandeld worden en ook eventueel okselsparend via een schildwacht lymfeklier (sentinel node). Zelfs bij DCIS van lage maligniteitsgraad en kleine diameter kan in sommige gevallen zelfs radiotherapie achterwege blijven (Cf Van Nuys Index). |