![]() | ![]() | ![]() |
Stel zelf een vraag | |||
| Datum | 4/02/2003 | |
| Leeftijd | 37 jaar | |
| Vraag | Twee jaar geleden werd bij mij borstkanker geconstateerd. Sindsdien ben ik drie keer geopereerd, waarbij de laatste operatie bestond uit de amputatie van mijn rechterborst. Vervolgens heb ik een chemokuur ondergaan (4x AC). Bij aanvang van de chemotherapie werd bij mij Zoladex toegediend, dit moet ik twee jaar gebruiken. Na de chemotherapie ben ik gestart met Tamoxifen, wat eveneens twee jaar duurt. Deze therapie is erop gericht zoveel mogelijk te voorkomen dat ik onvruchtbaar word. De laatste maanden merk ik allerlei klachten, die bestaan uit moeheid, wazig zien, gewichtstoename, lusteloosheid en depressiegevoelens. Ongeveer twee maanden geleden ben ik onderzocht op de ziekte van Pfeiffer en Cytomegalie en pas nu vernam ik dat ik inderdaad de ziekte van Pfeiffer heb en dat de extreme vermoeidheid die ik al maanden voel daaraan te wijten is. Mijn vraag is:
|
| Antwoord van | Dr. Roger Crombez, radiotherapeut-oncoloog en coördinator Borstkliniek, A.Z. Sint Lucas, Brugge. | |
| Antwoord datum | 24/02/2003 | |
| Antwoord | De medicatie heeft geen interactie met de mononucleosis infectie. |
![]() | ![]() |
Deze informatie heeft niet als doel medisch advies te verlenen.
Alle medische beslissingen moeten worden genomen in overleg met uw arts.>