![]() | ![]() | ![]() |
Stel zelf een vraag | |||
| Datum | 25/04/2002 | |
| Leeftijd | 20 jaar | |
| Vraag | Bij mijn dochter van 20 is LCIS geconstateerd. Er is een voorgeschiedenis van borstkanker via de zijde van de familie van de vader. Er is voorgesteld dat zij zich eens in het half jaar laat controleren. Is dit op dit moment de meest gebruikelijke benadering? Of kan LCIS met een familiaire voorgeschiedenis van borstkanker een indicatie zijn voor preventieve borstamputatie of behandeling met Tamoxifen? De arts heeft het hier namelijk zelfs niet over gehad. |
| Antwoord van | Prof. Dr. Rudy Van den Broecke, gynaecoloog-senoloog, U.Z., Gent. | |
| Antwoord datum | 4/05/2002 | |
| Antwoord | Lobulair carcinoma in situ is geen echte tumor doch geeft enkel weer dat de vrouw in kwestie een verhoogd risico loopt op de ontwikkeling van een invasief carcinoma. Preventieve amputatie komt volgens mij dan ook enkel in aanmerking wanneer kan bewezen worden dat er inderdaad een genetische voorbeschiktheid bestaat; hiervoor is een genetisch onderzoek onontbeerlijk. Uit de gegevens van de P1 trial van de NSABP blijkt dat toediening van tamoxifen de ontwikkeling van oestrogeenpositieve tumoren bij dergelijke hoog risicopatiënten kan verhinderen. |
| Antwoord van | Dr. Roger Crombez, radiotherapeut-oncoloog en coördinator Borstkliniek, A.Z. Sint Lucas, Brugge. | |
| Antwoord datum | 4/05/2002 | |
| Antwoord | LCIS wordt aanzien als een risicofactor voor het later ontwikkelen van een borstkanker. De houding hiertegenover is ofwel nauwkeurige follow-up ofwel preventieve Tamoxifen (met natuurlijk de geassocieerde bijwerkingen). Preventieve borstamputatie (plus eventueel wegname van de eierstokken) wordt alleen voorgesteld bij erfelijk verhoogd risico (gemuteerd BRCA-gen). Contact met een centrum voor medische genetica lijkt aan te raden. |
| Antwoord van | Dr. Richard Groenendijk, algemeen chirurg, IJsselland Ziekenhuis, Capelle a/d IJssel (NL). | |
| Antwoord datum | 12/05/2002 | |
| Antwoord | Dit moet eigenlijk al op een bioptie zijn gebeurd. Het is belangrijk om te weten of er geen sprake is van atypische lobulaire hyperplasie, ik zou het PA-onderzoek zeker nog eens goed over laten doen. Welke familieleden zijn belast met borstkanker? Mogelijk bestaat er een reden voor genetisch onderzoek, dan zou ik dat eerst doen, voordat er een operatieve behandeling wordt voorgesteld. Als er inderdaad sprake is van LCIS en geen atypische lobulaire hyperplasie, dan is er een verhoogde kans op het krijgen van borstkanker in zowel de aangedane als ook de andere borst en is goede follow up, behalve palpatie (slecht te voelen!) en mammografie (vaak ook slecht te zien) ook met bijvoorbeeld MRI aan te raden. Het lijkt iets te voorbarig om nu al beiderzijds preventieve amputatie voor te stellen, daarnaast heb ik ook nog een aantal vragen terug, voordat ik hier een goed oordeel over kan geven. |
![]() | ![]() |
Deze informatie heeft niet als doel medisch advies te verlenen.
Alle medische beslissingen moeten worden genomen in overleg met uw arts.>