![]() | ![]() | ![]() |
Stel zelf een vraag | |||
| Datum | 23/04/2001 | |
| Leeftijd | 49 jaar | |
| Vraag | Bij mijn moeder werd in oktober vorig een kwaadaardige tumor in de rechterborst vastgesteld (T3, N0, M0). Na een volledige borstamputatie met okseltoilet volgde een chemobehandeling (CMF). Nu de chemotherapie afgelopen is volgt nog een behandeling d.m.v. radiotherapie en hormoontherapie (de tumor was hormoonreceptief). Mijn vraag gaat over de radiotherapie. De artsen laten mijn moeder de keuze tussen twee soorten radiotherapie.
Deze laatste vorm van bestraling zou eventuele microscopisch kleine uitzaaiingen in de borstklieren onder het borstbeen kunnen klein krijgen en alsdusdanig de kansen op herval op deze plaats mogelijk beperken. Belangrijk is hier het woord 'mogelijk' want men is momenteel nog niet zeker van de effectiviteit van de therapie. Mijn moeder wil weliswaar alles doen om haar kansen op genezing te vergroten en is bereid te kiezen voor de tweede therapie waarbij er dieper bestraald wordt. We zijn echter bezorgd over de bijwerkingen. Aangezien er een stukje van het hart en de longen zou worden meebestraald is er sprake van een verlies van longcapaciteit van 2 % en een licht verhoogd risico op hartklachten. Waar we ons verder zorgen over maken zijn eventuele slikstoornissen. Deze zouden volgens onze radiotherapeut slechts tijdelijk zijn. Onze vragen zijn nu:
|
| Antwoord van | Dr. Roger Crombez, radiotherapeut-oncoloog en coördinator Borstkliniek, A.Z. Sint Lucas, Brugge. | |
| Antwoord datum | 26/04/2001 | |
| Antwoord | Over het nut van de bestraling van de klieren achter het borstbeen bestaat veel discussie. De Europeanen zijn er meer voor, de Amerikanen meer tegen. De indicatie tot radiotherapie beperkt zich bij uw moeder tot een tumor > 4 cm en dan worden borstwand, klieren boven en onder het sleutelbeen bestraald Op de tweede vraag kan ik niet antwoorden. De slokdarmirritatie duurt tot een tiental dagen na de radiotherapie. |
| Antwoord van | Prof. Dr. Luc Vakaet, kliniekhoofd Radiotherapie, UZ en RU, Gent. | |
| Antwoord datum | 26/04/2001 | |
| Antwoord | De vraag die u gesteld werd, maakt het onderwerp uit van een studie door het EORTC, één van de meest toonaangevende Europese samenwerkingsverbanden i.v.m. kankerbehandeling. Het is dus op dit ogenblik onmogelijk om een keuze te maken op basis van beschikbare gegevens. Mijn persoonlijke werkwijze is dat ik (buiten studieverband) de klieren achter het borstbeen alleen laat behandelen in de volgende omstandigheden:
|
![]() | ![]() |
Deze informatie heeft niet als doel medisch advies te verlenen.
Alle medische beslissingen moeten worden genomen in overleg met uw arts.>