Stel zelf een vraag

79. Is chemo zinvol zonder aantasting van de lymfknopen?

Datum 9/02/2000
Leeftijdonbekend
VraagIs een behandeling met cytostatica zinvol bij een 42-jarige patiënte met de volgende diagnose: een slecht gedifferentieerd carcinoom van 1,4 cm (inmiddels verwijderd) zonder aantasting van de okselklieren?
Volgens de behandelende chirurg zou men in 1999 in Nederland geen chemokuur hebben aanbevolen maar volgens een aantal onderzoeken kan een kleine percentage patiënten baat hebben bij een behandeling.


Antwoord van Prof. Dr. Luc Vakaet, kliniekhoofd Radiotherapie, UZ en RU, Gent.
Antwoord datum10/02/2000
AntwoordVolgens verschillende prognostische modellen (zie elders op de site) betreft het hier een tumor met een uitstekende prognose. Sommige modellen schatten de overleving na vijf jaar op méér dan 95%. Bij iemand met zo een uitstekende prognose is de ganse discussie: wat kan chemotherapie daar nu aan nog aan toevoegen? Tot nu toe is er geen enkele studie die formeel, in deze gunstige prognostische groep, heeft kunnen aantonen dat de kansen op genezing verbeteren na toedienen van chemotherapie. Men moet ook realist zijn: een verbetering zou hoogstens enkele procenten op vijf jaar kunnen bedragen. Om dit statistisch te kunnen aantonen heb je honderden en misschien zelfs duizenden gelijksoortige patiënten nodig. Daar tegenover staan natuurlijk de bijwerkingen en de kosten die zo een behandeling met zich meebrengt. Het is naar mijn mening dan ook zeker verdedigbaar dat in deze groep patiënten niet automatisch aanvullende chemotherapie wordt toegediend.

Daar tegenover staat het enige negatieve prognostische element, namelijk het weinig gedifferentieerd karakter van de tumor. Sommige auteurs beweren nu dat op basis van dit ene element een bijkomende behandeling zinvol kan zijn. Daarbij is het nog niet uitgemaakt of men een chemotherapie of een hormoontherapie (type tamoxifen) moet kiezen. In onze werkgroep senologie laten wij de beslissing afhangen van de aanwezigheid van oestrogeenreceptoren in de tumorcellen. Wanneer oestrogeenreceptoren (zelfs in een geringe mate) aanwezig zijn, dienen wij als adjuvante behandeling tamoxifen toe. Wanneer er absoluut geen oestrogeenreceptoren aanwezig zijn dan weten we dat tamoxifen (dat werkt via binding met die receptoren) geen zin heeft en dan wordt overwogen aan zo een patiënte een 'milde' vorm van chemotherapie te geven, dit wil zeggen van het type CMF.

Hierbij dient aan patiënte duidelijk gemaakt te worden dat hiervan slechts een winst van 1 tot 2 procent kan worden verwacht of met andere woorden dat in 98% van de gevallen zo een behandeling van 6 maanden geen enkele betekenis heeft en voor niets is geweest.
Ons inziens is het aangewezen dat de patiënten in deze beslissing mee participeren omdat een groot deel van de last (fysisch en psychisch!) door hen gedragen dient te worden.

Deze informatie heeft niet als doel medisch advies te verlenen.
Alle medische beslissingen moeten worden genomen in overleg met uw arts.

Homepage Borstkanker Informatiepagina's