| Antwoord | Het verhaal van het haaienkraakbeen gaat nu al verschillende jaren mee. Omdat kanker zeer zelden kraakbeen aantast en omdat haaien weinig kankers vertonen beweren sommigen dat er zich zeer actieve bestanddelen moeten bevinden in het kraakbeen om kanker te behandelen. Beweringen zoals deze worden met de regelmaat van de klok gelanceerd en wanneer de klassieke geneeskunde erop reageert, zegt men dat ze dat doen in een zuiver protectionistische reflex. Toch is dit niet altijd juist. Meer in het bijzonder in het geval van haaienkraakbeen werd de hypothese door verschillende onderzoekers (ook in België) zeer zorgvuldig wetenschappelijk onderzocht en dit zowel in het laboratorium als bij de mens. Spijtig genoeg heeft dit niet geleid tot enige zinvolle activiteit voor de borstkankerpatiënt.
Besluit: zelfs indien iemand een mogelijk werkingsmechanisme beschrijft, dit op zichzelf nog geen voldoende argument is om dit ook bij de mens te gaan uitproberen. Het is des te erger dat een aantal (gehaaide?) commercanten deze mythe in stand houden om op kosten van de patiënt flinke winst te maken. |