Tempo!© Lucy |
|
|
Toen ik klaar was met de directe behandeling en thuis een beetje tot rust kon komen, begon het tot me door te dringen dat ik kanker had gekregen. Die ziekte waar iedereen zo bang voor was, had zomaar in mijn lichaam kunnen ontstaan.
In de afgelopen maanden was ik veel in het ziekenhuis geweest: onderzoeken, uitslag, veel contacten met mensen, veel praten, nog meer onderzoeken, twee operaties, bestralingen.
Nu was ik thuis en hoefde niet meer naar het ziekenhuis, er kwam rust. Er was gedaan wat nodig was. Het was voorbij ..…
Maar het bleek helemaal niet klaar en voorbij te zijn, het begon eigenlijk pas. De lichamelijke kant van kanker was behandeld, de psychische kant moest nog aan de beurt komen. Ik was geschokt door het idee dat ik kanker had gekregen. Zomaar. Zonder iets te merken, zonder pijn, zonder ziek te zijn, zomaar opeens zat er kanker in mijn borst. Dit proces kost tijd. Ik las erover, sprak erover, nam rust, ging met andere (ex-) kankerpatiënten sporten en probeerde alles op een rijtje te krijgen. Na enige tijd was het geduld van mijn leidinggevende op. Hij vond dat ik weer moest komen werken. Ik was verbijsterd, kon niet begrijpen dat hij daar een tijdslimiet aan kon geven en mij niet de tijd en het vertrouwen gaf om het proces in mijn tempo te doen. Ik wilde ook graag dat alles weer voorbij was, maar kon niet anders doen dan wat ik deed. Ik kom dat vaker tegen. Een aantal mensen vindt dat de kanker voorbij is als de behandeling voorbij is. Als je -zoals ik - het geluk hebt dat het er medisch gezien goed voor je uit ziet, dan wordt er van je verwacht dat je stralend gelukkig en dankbaar weer de draad van het leven oppakt. Mij lukte dat niet. In een telefoongesprek met mijn directeur spraken we over kanker. Zij had al vele malen meegemaakt dat een medewerker kanker kreeg. Hoe verschillend mensen daarmee omgaan was duidelijk. Ze vertelde over een collega die tijdens de chemokuren alweer kwam werken en over iemand die in de periode van bestralingen door bleef werken. Ik hoorde een trots in haar stem die mij later aan het denken zette. Ik snapte haar. Ik was zelf ook altijd zo geweest: snel, aanpakken, doorwerken, doorzetten. Dat kon ik niet meer. Ik vond dat zelf erg, maar ondervond ook weinig ruimte voor míjn tempo. Het leek vast te staan hoeveel tijd ik kreeg. Niet alleen in mijn werkkring. Mensen in mijn omgeving waren ook verbaasd dat ik het er nog moeilijk mee had. Als ik dat al durfde te zeggen, want ik schaamde me er inmiddels voor. Ik ging erover schrijven. Liet het lezen aan anderen. Het leverde goede gesprekken op en soms ook begrip van mensen die belangrijk voor me zijn. Het doorbrak een emotioneel isolement. Het had tot gevolg dat er meer over gepraat werd. Niet alleen door mij. Daar ben ik blij mee. Het zou zo mooi zijn als er wat meer ruimte en begrip komt voor elk individueel proces. Dat ontdekt wordt dat niemand een ander een bepaald tempo op kan leggen. Zodat ieder op zijn eigen manier met zo'n verschrikkelijke ziekte in het reine kan komen. lucy@borstkankertrefpunt.nl. http://www.borstkankertrefpunt.nl/. |