| Wat voorafging ...
Vandaag (vrijdag) ga ik op controle bij de radiotherapeut.
We zijn nu meer dan 5 jaar na het aflopen van mijn laatste chemotherapie (29 april 1999).
Mijn verwachting is dan ook dat ik zonder Fareston zal worden gezet. De geadviseerde 5 jaar zijn voorbij, het verder innemen heeft geen aangetoonde meerwaarde meer, integendeel, zou zelfs de kans op andere ongewenste aandoeningen doen toenemen.
Maar wat dan wel?
Toegegeven, 5 jaar geleden zat ik hier voor deze zelfde dokter erop aan te dringen het zonder hormoontherapie te doen. Slechts na een vol uur heen en weer gepraat besloot ik er toen aan te beginnen, met in het achterhoofd het idee er bij het kleinste probleem opnieuw mee te stoppen.
En nu, nu probeer ik nog een bijkomende behandeling uit de brand te slepen. Doch, ik vang bot. Arimidex en aanverwanten zijn enkel weggelegd voor mensen in de menopauze. Mijn eierstokjes hebben zich door de verzameling gif die we met zijn allen chemo noemen niet laten afschrikken en zijn steeds vrolijk blijven verder werken.
Ook al iets waar sommige berichten niet echt om kunnen lachen. Castratie zou de boodschap zijn. Ik vind het een afschuwelijk woord, maar informeer nu toch maar even of inductie van de menopauze (al wat neutraler) soms niet aangewezen is. Neen, toch niet, er zijn geen gegevens voorhanden dat dit mij nu nog veel voordeel zou brengen.
Het is dus echt gedaan met behandelen, ik zou blij moeten zijn. En eigenlijk ben ik dat ook wel, ik besluit het innemen van het laatste pilletje Fareston dat over enkele weken zal plaatsvinden met enig ceremonieel gepaard te laten gaan.
Of er soms nog klachten zijn, wil de dokter weten. Ik heb me de voorbije weken vaak afgevraagd of ik haar vandaag zou vertellen over mijn rugproblemen. Die slepen al een hele tijd aan, maar eigenlijk heb ik af en aan rugproblemen sinds mijn 18de.
Ik ken mijn arts na al die jaren al een beetje en ik weet bij voorbaat dat klachten steeds leiden tot verder onderzoek. Het is een schat, ze neemt geen enkel risico. Maar soms wou ik dat ze gewoon geruststellend zei: "trek het je niet aan, niets aan de hand, ga naar huis, het gaat wel over".
Ik besluit er toch maar mee uit te pakken, want eigenlijk houden die klachten me in gedachten toch wel vaak bezig, waarbij ik mezelf afwisselend geruststellend toedenk en dan weer in complete paniek breng. En ja hoor, ik blijk haar wel degelijk al wat te kennen, want ze wil me toch even onder de scanner hebben. Want we moeten toch echt wel weten wat er aan de hand is.
Terwijl ze het voorschrift schrijft, zit ik te twijfelen of ik de vraag over mijn lippen zal laten komen, maar uiteindelijk floept ze er toch uit: kan dit met mijn borstkanker te maken hebben?
Als altijd volgt een weloverwogen en eerlijk antwoord. Er zijn een aantal geruststellende vaststellingen in mijn klachten. Het feit dat ik al sinds mijn jeugd rugproblemen heb, maakt dat slijtage niet ondenkbaar is. En ook het feit dat dit specifieke probleem al een hele tijd aansleept maar status-quo lijkt te blijven, is geruststellend. Ook het vele zittende computerwerk is vaak nefast voor de rug…
Maar de gevreesde slotzin komt er toch nog achteraan: "maar het kan natuurlijk, dat weet je".
Inderdaad, ik weet het, en toch moest ik het vragen. Wellicht speelt ook hier weer die behoefte gerustgesteld te worden. De menselijke geest werkt soms vreemd. Indien ze me zou vertellen dat er absoluut geen relatie kàn zijn met mijn borstkanker zou ik al van verre aanvoelen dat ze me wat zit voor te liegen en zou ik haar dat kwalijk nemen. Nu ik op de vrouw af de waarheid hoor, lijkt een ijzerdraad mijn maag dicht te knijpen. Verdomme, het zal toch niet …
Het secretariaat wordt belast met de opdracht zo snel mogelijk een afspraak te maken met Radiologie. Helaas wil die afdeling vandaag niet al te zeer meewerken. Ze kunnen me er echt niet meer bij nemen. Dan wil ik gelijk ook wel wachten tot volgende week vrijdag. Ik weet dat mijn agenda op het werk volgende week vóór vrijdag boordevol staat, en aangezien we toch geen reden hebben tot paniek, kan ik wel wachten tot vrijdag. Aan mijn stoere taal zal het alvast niet liggen!
Een kwartiertje later loop ik onder een warm zonnetje naar huis en besluit te proberen er zo weinig mogelijk aan te denken en rustig te blijven. Dat is de raad die ik al heel wat sitebezoekers die me mailen heb gegeven, maar waarvan ik heel goed weet dat het makkelijker gezegd is dan gedaan. We zijn nu zaterdagochtend, het is 1 uur 20. Misschien wil het slapen nu wel lukken…
Lees het vervolg ...
nancy.wauters@borstkanker.net
|