5 minuutjes tijd.© KS |
|
|
Het lijkt wel of het hele land in rep en roer staat als je als jonge vrouw compleet onverwacht aan de mensen meedeelt dat bij jou de diagnose borstkanker is gevallen. Maar de eerste schok ebt bijna even snel weg als hij gekomen is.
Dat merk je wel als je zelf de persoon bent om wie het gaat. Hoeveel mensen stonden op dat moment zelf niet perplex mede te delen dat ze ons wel elke week zouden komen opzoeken? Geschokt door de plotse wending die een leven nemen kan en aan de grond genageld omdat deze realiteit henzelf ook wel eens zou kunnen treffen. En in sommige gevallen natuurlijk ook door een oprecht gevoel van betrokkenheid en medeleven. Maar wat de oorsprong ook is van de ware emoties, piekmomenten zijn geen lang leven beschoren. Het is waarschijnlijk wel normaal en misschien ook maar best dat het gewone leven snel herneemt en dat het lijden zich beperkt tot de spilfiguren. Toch zet het ook wel aan tot enige reflectie. Nu we enkele maanden verder zijn, heeft de persoonlijkheid van enkele vrienden en familieleden zich in mijn ogen wel scherp afgetekend. En hoe moet ik daar nu voortaan mee omgaan? Want sommigen hebben mij alleen maar geïnterpelleerd om hun eigen ziektekans in te schatten en liepen hooguit over van wat zelfmedelijden. Anderen vonden het amper de moeite om ondanks hun zee van tijd even binnen te springen om mijn man, ons kind of mezelf eens af te leiden. Nog anderen zijn blijkbaar met de noorderzon verdwenen, onafgezien van het feit dat ze een week vóór ons onheilspellende verdict nog wellustig zaten mee te feesten. Gelukkig deden sommige vrienden ons met dezelfde verwondering, geen ontzetting deze keer, ook opkijken. Want zoals je door apathie kunt getroffen worden, word je ook getroffen door empathie. Mensen waarvan je het helemaal niet verwacht, staan plots hun best te doen om ons door die eerste moeilijke periode heen te loodsen. Sommigen zelfs met cadeautjes of ter plekke geïmproviseerde dineetjes. Dat is hartverwarmend. Nu is het moeilijk, ook al zijn we de eerste klap al wel te boven gekomen, om deze nieuw verworven inzichten omtrent mijn omgeving zomaar opzij te schuiven. Bovendien zullen mijn antennes nog wel een tijdje hun werk doen, vrees ik. Toch is het beter om niet teveel schepen achter me te verbranden en er gewoon rekening mee te houden dat iedereen - en dus ook ik - met kleine kantjes geplaagd zit. |